Hoe meer teams, hoe leuker de competitie

Zaterdag 3 mei speelden de vier beste zitvolleybalteams van de eredivisie in Haarlem om het Nederlands Kampioenschap. Deze jaarlijkse happening markeert het einde van de competitie. Bert Oelen en Jan Meijer maken zich klaar voor het volgende seizoen, met drie divisies in 2014/2015. Wie zijn deze mannen achter de schermen? En waarom zetten ze – vrijwillig – hun tanden in de jaarlijkse puzzel van teams, zalen en scheidsrechters?

Jan en Bert

Wat doen jullie?

Bert:Ik organiseer de competitie van de vier noordelijke zitvolleybalteams uit de 2e divisie. Elke vereniging organiseert twee toernooien per jaar, zodat er gemiddeld eens per maand wedstrijden worden gespeeld. Het is dus goed te overzien: zij geven me de beschikbare zalen door en ik zorg voor de indeling van de teams op die dagen.’
Jan:Ik plan de wedstrijden in de eredivisie. Dit jaar speelden er negen teams mee, die ieder één keer uit en één keer thuis spelen. Dat is peanuts in vergelijking met de acht- tot negenduizend volleybalwedstrijden die ik jaarlijks voor de regio West inplan. Daar zitten honderden uren per jaar in. Maar na zesentwintig jaar competitieleiderschap beschik ik over een grote dosis ervaring.’

Bert

En is dit veel werk?

Jan: ‘Nee hoor, ik denk dat ik er in de zomermaanden zo’n drie dagen mee bezig ben. Ik moet vooral rekening houden met het aantal beschikbare scheidsrechters. Daardoor kan ik niet meer dan drie wedstrijden per zaterdag plannen. En ik besteed altijd wat extra uren om het zo optimaal mogelijk te krijgen voor de teams. Als ik zie dat een team vier keer achterelkaar uit moet spelen, ga ik toch schuiven en kijken of dat anders kan.’
Bert: ‘Voor mij is het nog minder werk. Als ik de beschikbaarheid van de zalen weet, kan ik de planning in een avond klaar hebben. Daarom vond ik het ook geen probleem om de wedstrijdplanning te doen voor de nieuwe 1e divisie. Deze divisie is in het leven geroepen, omdat er teams tussen wal en schip vielen: te licht voor de eredivisie, te zwaar voor de 2e divisie. Ook deze 1e divisie zal in toernooivorm spelen.’

Jullie klinken behoorlijk opgeruimd. Ik denk altijd dat het een ‘hondenbaan’ is, waarin je het nooit goed doet.

Bert: ‘Ik vind de spelers juist ontzettend hartelijk en dankbaar voor het werk dat je doet. Als ik al commentaar krijg, is het wanneer ik als scheidsrechter een wedstrijd fluit. Maar dat komt omdat de sporters zo fanatiek zijn. Na de wedstrijd is dat over en is het altijd gezellig.’
Jan:Commentaar op het wedstrijdschema hoort er ook gewoon bij. Maar vaak heb ik alle alternatieven al bekeken en zijn er binnen de grenzen van de beschikbare teams, zalen en scheidsrechters geen andere oplossingen mogelijk.’

1981-1982

Hoe zijn jullie in de zitvolleybalwereld beland?

Bert: ‘Ik ben er ingerold. In 1983 tijdens het WK zit- en staandvolleybal voor mindervaliden. Ik floot wedstrijden, zat bovendien in het bestuur van de NIS/Nebas/Nevobo en nam de planwerkzaamheden uiteindelijk over van een van onze bestuursleden.’
Jan: ‘Mijn eerste contact met het zitvolleybal was in 2000. Joze Banfi klopte bij onze vereniging Volleer aan met de vraag of GSVU zich bij ons kon aansluiten. Ik was destijds voorzitter en was meteen om. Het waren ontzettend hartelijke mensen. Dus toen Nevobo een paar jaar later vroeg of ik de competitie strakker wilde organiseren, heb ik meteen ‘ja’ gezegd. Ik wilde hen graag iets teruggeven. De passie waarmee ze spelen, het enthousiasme om de sport verder te brengen…. Ik vind het prachtig om daaraan bij te dragen. Het leuke is overigens dat mijn zoon nationaal zitvolleybalscheidsrechter is geworden. Tijdens de Paralympics 2012 was hij de Nederlandse scheidsrechter.’
Bert: ‘En afgelopen jaar is hij terecht tot scheidsrechter van het jaar verkozen. De spelers zien hem graag komen.’

Jan

Hebben jullie nog wensen voor de toekomst?

Jan:Meer teams. Een bredere competitie. Het zou mooi zijn als we in elke divisie 12 teams hebben. 12 in de eredivisie, 12 in de 1e divisie en 12 in de 2e divisie. Dan heb je de kans om te promoveren en degraderen. Dat maakt het competitie-element een stuk spannender.’
Bert: ‘We hopen dat deze aangepaste divisiestructuur een nieuwe dynamiek geeft aan de sport.’
Jan: ‘Ik daag bij deze ook elke staande volleyballer uit eens een wedstrijdje zitvolleybal te spelen. En wees gewaarschuwd: vorig jaar speelde Volleer tegen VCV uit de eredivisie. VCV werd afgedroogd met 4-0.’

Ik heb de indruk dat de zitvolleyballers nog lang op jullie kunnen rekenen.
Jan: ‘Ik houd dit wel vol tot mijn honderdste.’
Bert: ‘Dingen die je leuk vindt om te doen, houd je lang vol. Ik ben in het weekend soms de hele dag op pad om een toernooi te fluiten. Dat is wel een dag in mijn weekend, maar die lach die dan door de sporthal klinkt… Ja, daar kan toch niks tegenop.’

Bekijk alle informatie over de zitvolleybal competities en een fotocolleage van het NK zitvolleybal 2014!