DE GESCHIEDENIS VAN ….

Ontstaan gehandicaptensport

Als we terug kijken in de tijd, dan kunnen we vaststellen, dat de positie van de gehandicapte in de voorbije eeuwen nogal verschillend is geweest. Gelukkig heeft de sportbeoefening door gehandicapten er in belangrijke mate toe bij gedragen, dat een gelijkwaardiger bestaan voor deze groepering in onze maatschappij zich begint af te tekenen. Het invoeren van sport als behandelingstechniek voor oorlogsslachtoffers was een prima initiatief van Sir Ludwig Guttmann(een in 1936 uit nazi-Duitsland naar Engeland gevluchte joodse arts). In het Stoke Mandeville hospitaal – een revalidatiecentrum voor oorlogsslachtoffers – had hij de gelegenheid een basis te leggen voor sportbeoefening voor gehandicapten. Zijn idee sloeg vooral in Nederland aan en de regelmatige ontmoetingen tussen Engelse en Nederlandse gehandicapten groeiden geleidelijk uit tot de thans bekende “Stoke-Mandeville-Games”.

Vuistbal

Pas in 1956 werd een eerste gehandicapten sportvereniging in Nederland opgericht. “Atletiek” was met het uit Duitsland afkomstige “vuistbal” de belangrijkste sport. Aangezien men al gauw vond, dat vuistbal, wat zittend op de grond kan worden beoefend, te passief was, werd naar andere meer beweeglijke spelvormen gezocht.

Zitvolleybal

Sportbeoefening door gehandicapten vond in de vijftiger jaren plaats onder auspiciën van de Bond van Nederlandse Militaire Oorlogsslachtoffers (BNMO), die hiertoe een afzonderlijke sportgroep in het leven had geroepen. Deze sportgroep ontwierp een nieuw spel, een combinatie van het vuistbal en het populaire volleybal. Het kreeg de naam zitvolleybal.

NIS

Nadat nogal wat sleutelwerk aan veldmaten en nethoogte was verricht kon in 1957 de eerste competitiewedstrijd worden gespeeld. Dat een goed doordacht stuk werk werd geleverd, mag blijken uit het feit, dat sindsdien alleen de nethoogte (5 cm hoger) is veranderd. Omdat de belangstelling vooral van de burgers (niet-militairen) behoorlijk groeide, heeft de BNMO in 1961 gemeend de sportgroep op te heffen en een zelfstandige organisatie in het leven te roepen. In hetzelfde jaar werd dan ook in Raalte de nieuwe organisatie de Nederlandse Invaliden Sportbond (NIS) opgericht. Zitvolleybal is sindsdien uitgegroeid tot één van de grootste in competitieverband beoefende sporten voor gehandicapten binnen de NIS periode en is naast het rolstoelbasketbal ook internationaal één van de populairste teamsporten geworden. In 1992 is de NIS overgegaan in NEBAS, wat behalve een terechte naamsverandering ook betekende, dat veel meer sporten onder één paraplu kwam. Onlangs is ook de Nsg bij de NEBAS aangesloten en gaat de bond op dit moment als NebasNsg door het leven. Mede gezien het feit, dat zitvolleybal een in Nederland bedacht spel is, zijn de inspanningen van de Nederlanders in internationale sportorganisaties voor gehandicapten van groot belang geweest. In 1980 werd zitvolleybal een Olympische sport. Het Nederlandse team won goud tijdens deze spelen, welke werden gehouden in Arnhem. Na de Europese Kampioenschappen in Bonn in 1981 werden de eerste Wereldkampioenschappen gespeeld in 1983 in Delden (NED).

Ontwikkeling

Het huidige zitvolleybal mag zich verheugen in een toenemende belangstelling. Vanuit de techniek bekeken is dit ook niet zo verwonderlijk. In inmiddels heel veel landen wordt hard gewerkt om zitvolleybal, voor zover mogelijk, alles in zich te laten hebben, wat het volleybal als spel zo aantrekkelijk maakt. Op nationaal niveau wordt steeds meer en terecht gewerkt met uit de valide wereld afkomstige volleybaltrainers, terwijl eenzelfde tendens overal in de wereld zijn vruchten begint af te werpen. Deze wijze van topsportgericht denken is o.a. ingezet tijdens de Paralympics in New York in 1984. Ook de Spelen van 1988 in Seoul (voor het eerst de Paralympics op dezelfde locatie als de Olympische Spelen!), die in Barcelona 1992, Atlanta 1996, Sydney 2000, Athene 2004 , Beijing 2008 en Londen 2012 geven niet alleen bij het zitvolleybal een zeer positieve curve te zien voor wat betreft toenemende professionalisering van het technische kader. Naast Europese en Wereldkampioenschappen voor nationale teams wordt jaarlijks sinds 1987 de Eurocup gespeeld voor clubteams. De voortgang in de ontwikkeling bij de mannen heeft zeker ook meegeholpen aan de ontwikkeling van het zitvolleybal voor vrouwen. Was tot 1993 slechts sprake van internationale wedstrijden voor mannen, zitvolleybal voor vrouwen heeft inmiddels een plaats verworven op de Paralympische kalender voor Athene 2004. Vooral teams uit Europa en Azië zullen via plaatsing op continentale toernooien en Wereldkampioenschappen hoge ogen gooien bij de eerste keer, dat zitvolleybal voor vrouwen bij de Paralympics een plaats heeft. Een toenemende belangstelling van de media wereldwijd onderstreept de waarde van het huidige zitvolleybal. Technisch gezien kan en moet er uiteraard nog veel meer gedaan worden. Het neemt niet weg, dat zitvolleybal op de volleybalmarkt een terecht gewaardeerde plaats aan het veroveren is.