Volle bak tijdens Valentijnstoernooi! Special Edition!

Valentijn_special edition

In de Houtense sporthal De Kruisboog is het zondag 14 februari een drukke boel. ’s Ochtends strijden 10 teams om de beker van het jaarlijkse Paravolley Vrouwentoernooi, waarbij dit jaar ook mannen van harte welkom zijn. ’s Middags staat een interland tussen het Nederlandse en Oekraïnse nationale dames zitvolleybalteam op het programma.

Spelers uit heel Nederland

Mannen, vrouwen, eredivisiespelers, eerste en tweede divisie spelers, militairen en sportieve familieleden uit heel Nederland staan op Valentijnsochtend al vroeg in de zaal. Ook studenten Sport & Beweging van ROC A’dam Zuid zijn van de partij, strak gekleed in het zwart, zodat ze herkenbaar zijn als scheidsrechter aan de zijkant van het veld. En de nationale speelsters zijn actief, als teamlid, coördinator of omroepster van de tussenstanden.

Dit jaar is een Special Edition omdat het Vrouwentoernooi organiseren op 6 maart, 2 dagen voor Internationale Vrouwendag, te kort dag was voor het kwalificatie toernooi in Hangzou, China en een toernooi met Valentijn kan natuurlijk niet zonder de partner!

P1020046

Fanatieke strijd op drie velden

Om 10.15 uur gaat het eerste potje van start. Verspreid over drie velden spelen de teams zeven wedstrijden voordat de beste vier doorgaan voor de beker. Er wordt enorm veel gelachen, maar minstens zo fanatiek gespeeld. Als er even rust is tussen de wedstrijden, verzamelen de spelers zich regelmatig om de wedstrijdtafel. Wie heeft er gewonnen? Wat is de stand? Uiteindelijk strijden eredivisieteams Nesselande en Bartje (met spelers van FDS Sneek) om de eerste plaats. Voor de derde plaats knokken het militairenteam Invictus en Amigo, een ervaren team van staande spelers. Nesselande gaat juichend naar huis met de beker!

Reacties & Ervaringen

Reactie nationaal speelster Jaaike:
‘Ik heb mijn familie uitgedaagd om vandaag mee te doen met het toernooi, dus vormden wij een familieteam. We zijn niet heel hoog geëindigd, maar hebben veel lol gehad. En, ze vonden het helemáál niet makkelijk. Dat vond ik dan weer mooi!’

Reactie Kelly, speler van het Invictus Team:
‘Het is de eerste keer dat ik aan een zitvolleybaltoernooi meedoe. Voor ons team is het een mooie kans om te trainen voor de Invictus Games, een internationaal toernooi voor militairen met een beperking. Ik heb helaas MS en daardoor 10 procent minder kracht op rechts. Voor Nederland kom ik uit voor het roeien en bankdrukken, daarnaast spelen we mee met een zitvolleybalteam.’

GewonnenReactie René, speler van FDS Sneek:
‘Leuk toernooi hoor! We hebben helaas net niet gewonnen, omdat we maar met drie eredivisiespelers de finale speelden, maar het was erg gezellig. En leuk dat dit keer ook mannen op het vrouwentoernooi welkom waren… Natuurlijk vanwege Valentijnsdag!’

Reactie Geri, speelster bij Olympia Ochten:
Ons team is elk jaar van de partij, dus nu ook! Het was harstikke gezellig en wat ik mooi vind: ik heb veel nieuwe mensen gezien, en dat is natuurlijk heel belangrijk voor het zitvolleybal. Hoe meer mensen het een keer proberen, hoe meer spelers we krijgen!’

Nieuwe beleidscoördinator zitvolleybal Hans Mater wil zitvolleybal laten groeien

Op zondag 22 november staat Hans Mater al om 11 uur ‘s ochtends in de sporthal van Houten. Een uur later start een zitvolleybalclinic voor de jeugd. Waar hij zijn tijd vandaan haalt, is een raadsel. Hans is sporttherapeut bij het Utrechtse revalidatiecentrum De Hoogstraat, bondscoach van het Nederlands Heren Zitvolleybalteam en sinds juli ook nog beleidscoördinator zitvolleybal. Waar komt zijn liefde voor de sport vandaan? En welke ideeën heeft hij om de sport te versterken?

Binnen een jaar bondscoach

‘Tja, de liefde voor de sport… Ik denk dat Joze Banfi uiteindelijk de aanjager is geweest. Ik heb zelf altijd op hoog niveau gevolleybald, dus als hij weer eens bij ons revalidatiecentrum op de Hoogstraat was, vroeg hij regelmatig of ik hem wilde assisteren als bondscoach van de heren. In februari 2013 was ik om. Ik vind de sport fantastisch. Het is snel en dynamisch, en vraagt net een andere techniek en tactiek dan bij staand volleybal. Ik had alleen niet verwacht dat ik het zo snel van Joze moest overnemen. In de zomer van 2013 overleed hij onverwachts en werd ik bondscoach.’

Professionalisering herenteamNHZT

In de bijna drie jaar dat Hans nu coach is, is zijn team enorm gegroeid. ‘We trainen hard, hebben een diëtiste ingeschakeld voor voedingsadvies, organiseren internationale wedstrijden om ons spel te verbeteren. We werken aan teambuilding, persoonlijke ontwikkeling en hebben zelfs een eigen site laten bouwen, waarmee we sponsorgeld werven voor onze ‘Road to Rio’, de paralympische spelen in 2016. Want helaas heeft zitvolleybal in Nederland nog geen A-status. De spelers krijgen geen geld, en een trainingsstage in het buitenland kost behoorlijk wat geld. Maar, we hebben inmiddels wél de B-status en zijn steeds meer zichtbaar in Nederland!’

Zitvolleybal naar topniveau

Juist door zijn ervaring als bondscoach ziet Hans dat het zitvolleybal in Nederland nog meer bekendheid kan krijgen en kan groeien. ‘In Brazilië bijvoorbeeld zitten ook oud-olympiërs in het zitvolleybalteam. Geblesseerde staande spelers of beachvolleyballers zijn een aanwinst voor het zitvolleybalteam. In het Nederlandse damesteam is Hong hiervan een voorbeeld; zij speelde in het verleden voor het Chinese volleybalteam op de Olympische spelen. In Nederland moeten de volleyballers het zitvolleybal veel makkelijker kunnen vinden.’

Ambities voor de toekomstfoto clinic

Hans heeft duidelijke en vooral praktische ambities om zitvolleybal te laten groeien:

  • Zichtbaarheid op internet: ‘Overal in Nederland staat zitvolleybal verstopt op websites. Bij Nevobo, maar ook bij de lokale volleybalverenigingen. We zijn nu alle contactgegevens van de zitvolleybalteams aan het verzamelen en willen die met één klik toegankelijk maken.’
  • Vertel over zitvolleybal: ‘Ik hoor maar al te vaak dat mensen niet wisten dat zitvolleybal bestaat of dat mensen denken dat zitvolleybal vanuit de rolstoel wordt gespeeld. Daarom heb ik zelf kortgeleden weer collega-bewegingsagogen op de vloer gezet, basisoefeningen aangereikt en uitleg gegeven voor welke diagnose zitvolleybal geschikt zou zijn. Zo kun je het onbekende bekend laten worden.’
  • Investeer in jeugd: ‘Zij zijn het paralympische team van de toekomst! Net als voor de volwassenen wil ik in 2016 aan het eind van de competitie ook een ‘final 4’ voor de jeugd organiseren. We hebben ook al een vraag uit Hongarije gekregen voor een jeugdtoernooi. Maar daar moeten we natuurlijk eerst voor trainen. Daarom probeer ik vanaf 2016 elke maand een team kinderen bij elkaar te krijgen in Houten voor techniektraining en kleine wedstrijdjes. Een gezonde doorstroming van jeugd, naar competitie/toernooien, B-selectie en de twee A-selecties is erg belangrijk. Daarmee zijn we nu met veel mensen aan de gang gegaan.’

1-2-3: Para! #Letsgofor…clinic Let go for...

Deze zondag, 22 november, is het Hans gelukt 8 enthousiaste jongens en meisjes bij elkaar te krijgen. Het is een bonte mix: 5 spelers met een beperking, een sportief broertje en 2 fanatieke spelers van Taurus die meespelen. Als ze vergeten bovenhands te spelen, roept Hans: ‘Weet je nog… [spreidt zijn vingers omhoog], tien cola bij de barman in het plafond. Hoog stuiteren, zittend verschuiven en hup, weer tien cola.’ Ook leren ze in het anderhalf uur overspelen, verplaatsen en smashen. Belandt de bal in een van de ringen die Hans heeft neergelegd, dan krijgen de spelers bonuspunten. Het was leuk! De afsluitende yell belooft wat: op naar het mooiste toernooi dat er bestaat, de paralympische spelen. ‘Gaan we voor 2024? Dan brullen we: 1-2-3, Para! Lets go for Rome, Parijs, Berlijn, Boedapest of Los Angeles 2024!

In één klap een ander leven “Door een bom (bij Jaaike)” of “een auto (bij Annelies)”

Jaaike Brandsma en Annelies van de Bilt zijn de twee laatste (zwarte) aanwinsten van het Nationaal dames zitvolleyteam. Positieve, nuchtere en vooral supergedreven dames die een nare overeenkomst hebben: in één klap, een split second, werd hun leven omvergeblazen. Annelies kopte, zoals ze het zelf zegt, in september 2012 de voorruit van een auto in. Zij kwam fietsend van rechts, maar kreeg geen voorrang. Jaaike raakte als militair op 10 juli 2007 zwaargewond tijdens een zelfmoordaanslag op een Afghaanse markt.

Annelies_Jaaike‘Ik heb geluk gehad.’ Het is een uitspraak die in beide interviews opvalt. Jaaike raakte door de zelfmoordaanslag gewond aan haar arm, verloor haar linkerbeen en liep een gehoorbeschadiging op. Annelies hield aan het auto-ongeluk een flinke hersenbeschadiging over, waardoor ze snel overbelast raakt, krachtverlies heeft aan de rechterkant van haar lichaam, moeilijker gaat praten, met haar been sleept en een gedeeltelijke verlamming in haar arm krijgt. Ze heeft bovendien een visuele beperking, ruikt en proeft niets meer en ervaart emoties niet bewust. Maar, zeggen beiden, ze hadden mazzel. Ze hadden hier ook níet kunnen zitten.

Toch geen kasplantje

Het ongeluk van Annelies was zo ernstig dat de artsen haar ouders op het hart drukten zich niet te haasten om naar het ziekenhuis te komen. ‘De bloedingen en knellingen in mijn hoofd moesten eerst afnemen, voordat ze konden zien welke schade was aangericht. Mijn neuroloog had verwacht dat ik er als een kasplantje uit zou komen.’ Maar nee. Annelies verraste iedereen en ging in haar revalidatie stap voor stap vooruit. ‘Mijn ouders, broertje, zusje, zwager en vrienden zijn ontzettend belangrijk voor me geweest. Ze hebben me bij iedere stap onvoorwaardelijk gesteund. Vier maanden verbleef ik intern bij revalidatiecentrum De Hoogstraat, daarna ben ik weer op mezelf gaan wonen en volgde ik nog zeven maanden dagbehandeling. Ik weet nog dat mijn moeder supertrots was toen ik na ongeveer drie maanden zelf weer een kop thee kon zetten.’

TatoeAnneliesage: Let it be

Annelies is blij met haar karakter. ‘Als ze zeggen dat ik iets niet kan, probeer ik het toch. Soms stoot ik daardoor mijn neus, maar dat vind ik fijner dan het niet te proberen.’ Die veerkracht en dat doorzettingsvermogen heeft ze ook wel nodig, want de feiten liegen er niet om: ‘Sinds het ongeluk kan ik geen licht, geluid of beweging meer filteren, waardoor ik bijzonder snel overprikkeld raak. Een hele dag is voor mij daardoor te lang, dus moet ik alles van tevoren plannen en tussentijds bijslapen. Ik ben 100% afgekeurd. Ik kan niet meer autorijden of met het openbaar vervoer reizen. En zoals nu, een interview houden in een koffiezaakje, is het enige dat ik vandaag kan doen.’ Het is zoals het is, vindt Annelies. Een jaar na haar ongeluk liet ze op haar arm tatoeëren: let it be. ‘Ik wil mezelf niet meer vergelijken met de Annelies van vóór het ongeluk. Mijn vriend vindt ook helemaal niet dat ik gehandicapt ben. Ik leef alleen in een ander ritme.’

jaike_kids

Liever een prothese

Ook Jaaike neemt het leven zoals het is. Vrijwel meteen na het ongeluk zette ze de knop om. In een interview bij Pauw en Witteman in mei 2008, een jaar na de aanslag, zit ze in uniform aan tafel en vertelt ze over het moment dat ze haar been verloor: ‘We liepen tijdens een missie in Afghanistan over de markt, toen anderhalve meter bij ons vandaan iemand zich opblies. Er was een knal, veel rook en gegil. Ook veel locals raakten gewond. Ik probeerde te staan, maar dat lukte niet. Rahmon, mijn buddy, lag naast me en kon niet meer zien.’ Jaaike doet direct waarvoor ze jarenlang is getraind: ze bindt een tourniquet om haar been om te voorkomen dat ze leegbloedt en zorgt dat zij en haar maten overleven. ‘Voor mij was het meteen duidelijk dat ik een prothese wilde. Dat loopt een stuk prettiger dan met een slepend been. Ik doe er alles mee: parachutespringen, abseilen, wakeboarden. Ik heb altijd al de neiging gehad me te bewijzen. Dat werd niet minder met een prothese.’

Sterke soulmate vinden

De bewijsdrang uit 2008 is met de jaren wel wat milder geworden. ‘Je moet mij nog altijd eerder temperen dan aanjagen, maar in een periode waarin mijn lichaam niet meewerkte en ik burn-out verschijnselen kreeg, heb ik mijn grenzen beter leren kennen. Ik draag mijn prothese nu ook niet meer altijd direct zichtbaar. En als ik na een avondje stappen minder stabiel loop, denk ik eerst na voordat ik de ware reden vertel. Je trekt toch een flinke rugzak open en daar moet iemand maar net tegen kunnen.’ Ze relativeert: ‘Je leert in elk geval een goede partner kiezen. Mijn soulmate heb ik ruim drie jaar geleden gevonden. Hij is net als ik militair, dus kent de risico’s van het vak en is zelf ook regelmatig langer van huis. We verwachten zelfs binnenkort ons eerste kind! Maar ik zie meer vrouwen in ons team met een sterke partner. De sport staat op 1. Dus hij moet wel tegen een stootje kunnen en niet elke minuut een sms’je sturen als je op trainingsstage bent.’

rio2016_paraolympics_detail

De weg naar Rio

Want dát zitvolleybal bij Jaaike en Annelies op één staat, is wel duidelijk. De weg naar Rio wordt door de meiden bijna als een mantra opgedreund. Ze trainen keihard voor het EK van 7 t/m 15 november 2015 in Podcetrtek (Slovenië) en de Intercontinental Cup van 17 t/m 23 maart 2016 in Tangqi Town, Hangzhpu City (China). Jaaike vindt het een wonder dat de sport nog zo klein en onbekend is. ‘Het is een fantastische teamsport. Ik heb het zelf pas na zeven jaar ontdekt. Per toeval. Ik deed in 2014 samen met andere Nederlandse militairen mee aan de Invictus Games en won een gouden plak met kogelstoten. We vonden het leuk om ook als team mee te doen met zitvolleyballen. Heerlijk was dat! Samen gaan voor één doel, elkaar versterken vanuit je eigen kracht…. Na drie uur trainen zit ik helemaal stuk. Op zulke momenten vergeet ik volledig dat ik een beperking heb. Ik kan helaas niet meer op missie, maar op deze manier kan ik wel mijn land dienen en met trots de vlag dragen.’

Wit, grijs, zwart

Jaaike is overduidelijk een zwarte speelster; ze mist een been. Annelies is bij het vorige WK voorlopig zwart gekeurd. Een half uur lang heeft ze allerlei oefeningen en testen moeten doen. ‘Het medisch dossier klopt niet met wat de keuringsartsen zien. Ze zien een normale jonge vrouw, terwijl ik… (Annelies trekt een scheve gezicht en maakt rare geluiden)… er zo uit zou moeten zien. De artsen durven daarom geen uitspraken over de toekomst te doen. Maar dat hersenweefsel komt echt niet meer terug… Ik kan één wedstrijd uitspelen, dat is het. Ik word ook altijd door mijn teamgenoten gehaald en gebracht voor een training.’ Ook het gesprek kost energie. Annelies zet halverwege haar bril op, zodat ze beter kan zien, en bij het afscheid nemen, komt haar rechterhand vertraagt omhoog. Het zij zo, dit wist zij van tevoren. ‘Het was toch een leuk gesprek? De rest van de dag kan ik herstellen.’

Jeugd zitvolleybal training: INSTUIF

Zondag 1 maart zitvolleybal sportinstuif!

Begint het al te kriebelen en wil je zo snel mogelijk beginnen, kom dan op zondagochtend 1 maart naar Sporthal De Binder in Leersum en doe mee aan de sportinstuif! Voor de talententraining zijn we op zoek naar talenten van 10 jaar t/m 18 jaar, die balsporten heel leuk vinden en de ambitie hebben om op hoog niveau te gaan sporten!

Downloaden (PDF, 739KB)

Meedoen! email: zitvolleybal@nevobo.nl

(klik op F5 bij niet laden document)

[huge_it_portfolio id=”5″]

‘Er is flink wat beweging gekomen in de zitvolleybalwereld’

Begin 2014 startten we de verhalenserie op zitvolleybal.com met een interview over Joze Banfi, de pater familias van de zitvolleybalwereld. Begin 2015 evalueren we met Elvira Stinissen, aanvoerder van het Nationaal damesteam, beleidscoördinator zitvolleybal bij Nevobo, beleidsmedewerker sport op het ministerie van VWS en sinds 2014 ook nog verkozen tot vice-voorzitter van de Atletencommissie van het Internationaal Paralympisch Comité (IPC). Hoe kijkt zij vanuit haar positie naar zitvolleybal? Heeft de sport in 2014 terrein gewonnen? En welke ambities zijn er voor 2015?

Nieuw leven in zitvolleybal

Elvira Stinissen

‘Ik denk dat we trots kunnen zijn op alle activiteiten afgelopen jaar’, zegt Elvira. ‘Je ziet op verschillende terreinen dat zitvolleybal nieuw leven is ingeblazen. Ik vind dat echt tof om te zien.’ Zo’n kleine twee jaar geleden was zitvolleybal nog een discussiestuk op de agenda van de Nevobo. Zit er nog groei in de sport, zijn er voldoende enthousiaste verenigingen die de kar willen trekken? Het antwoord was twijfelachtig ‘ja’. Elvira kreeg in mei 2013 twee jaar lang een dag in de week de kans om zitvolleybal structureel op de kaart te zetten.

Successen in 2014

Elvira_WillemHet vertrouwen van Nevobo heeft zijn vruchten afgeworpen. ‘Wie had ooit gedacht dat we in zo’n korte tijd een nieuwe competitievorm zouden opzetten, naast de huidige competitie?’ En dat was niet het enige succes, Elvira kan er zo nog een paar opsommen:

» ‘De steun van de Johan Cruijf Foundation, meteen in 2013, was fantastisch. Daardoor konden we zitvolleybal ook onder de aandacht brengen bij de jeugd.
» Het aantal verenigingen is toegenomen. Ook teams die deel uitmaken van een reguliere volleybalvereniging, een constructie die goed blijkt te werken.
» In 2014 kregen we een tweede sponsor die ons wilde steunen. De Dirk Kuijt Foundation sloot zich aan als partner van het NK Zitvolleybal.
» Het Nationale vrouwenteam kreeg er spelers bij na een succesvolle wervingsactie, en het mannenteam gaat er volle bak voor met een nieuwe sponsor.
» De bondscoaches Pim Scherpenzeel en Hans Mater gaan vol enthousiasme aan de slag met de nationale teams en proberen de verbinding te leggen met de breedtesport.
» Versterking in het BAT-zitvolleybal.
» En ook de start van deze site was er zonder alle vrije uurtjes van mijn man Willem en de steun van de gemeente Den Haag nooit gekomen.’

Dipmomentje in de zomer

Was het allemaal halleluja afgelopen jaar? Het antwoord is een langgerekte ‘nee’. ‘Het is ook heel hard werken. En ik ben altijd superpositief, maar in de zomer had ik wel even een dipmomentje. We hadden net de nieuwe competitie opgezet met een eerste en tweede divisie, ook omdat verenigingen hadden aangegeven dat ze dat een goed plan vonden, en toen schreven maar heel weinig teams zich in. Ik begreep daar niks van. We willen toch allemaal een succes maken van deze sport? En het competitie-element maakt de sport veel aantrekkelijker.’ Gelukkig merkt Elvira dat ze op zulke momenten niet alleen de kar hoeft te trekken. ‘Robin de Haan van Spaarnestad zette zijn schouders eronder en zorgde in samenwerking met de Nevobo voor de nieuwe competitievorm. Vooral voor startende teams een mooie manier om te gaan zitvolleyballen! Ook als je team niet compleet is, vinden we met elkaar wel oplossingen. En Karin Harmsen en nationale teamspeler Marieke de Ruijter pakken samen de jeugdtrainingen op voor jonge enthousiastelingen zoals Niels en Siebe. Hoe tof is dat?’

Ambities voor 2015Slider_zitvolleybal _inspireageneration

Conclusie: er is flink wat beweging gekomen in de zitvolleybalwereld. ‘De start is er’, vindt Elvira, ‘maar we zijn er nog lang niet.’ In mei 2015 loopt de opdracht bij Nevobo af, dus is het weer tijd om de balans op te maken. ‘Met de groei naar vier regiocoördinatoren hebben we een stevige basis en zijn er in heel Nederland aanspreekpunten en kartrekkers. Ik hoop dat we van daaruit verder kunnen bouwen. Aan een structurele vorm voor zitvolleybal bij bijvoorbeeld revalidatiecentra en mytylscholen. Aan nog meer verenigingen die aanhaken bij reguliere volleybalverenigingen. En ook aan een structurele plek bij Nevobo. Het zou mooi zijn als een medewerker zich 12 tot 16 uur per week inzet voor de sport. Van mij mag het ook iemand worden die zich inzet voor meerdere sporten. Je kunt dan veel beter van elkaar leren en profiteren. En ik hoop dat de verenigingen zo enthousiast blijven als ze nu zijn. Het is belangrijk dat ook de zitvolleyballers in Nederland zich blijven inzetten voor de sport. Alleen gezamenlijk gaan we hier echt een succes van maken!’

NK en dan EK

Elvira zou bijna vergeten dat ze op de eerste plaats topsporter is. ‘Mijn eigen ambities voor zitvolleybal? Het EK in september 2015 natuurlijk en daarna naar Rio in september 2016. Maar dan moeten we ons dus wel kwalificeren. Op het EK in september of de Intercontinental Cup in het voorjaar van 2016.’

Zitvolleybal spelers hebben een betere rompcontrole dan niet zitvolleybal spelers

Ongeveer 1,5 jaar geleden kreeg Hans Huisman, student aan de Vrije Universiteit Amsterdam, het verzoek om onderzoek te doen naar zitvolleybal. Aangezien hij op zoek was naar een afstudeeronderzoek voor de studie bewegingswetenschappen accepteerde hij het verzoek graag. Hieronder vindt u een samenvatting van het onderzoek. Uiteraard ontbreekt in deze samenvatting veel uitleg en nuance, er is immers slechts beperkt ruimte beschikbaar. Mocht u geïnteresseerd zijn in het volledige onderzoek, deze is het te downloaden op de pagina van het zitvolleybal beleid.

Na een analyse van het zitvolleybal werd besloten om te kijken naar de effecten van zitvolleybal op de rompcontrole (zowel de beweeglijkheid als nauwkeurigheid van de controle van de romp vallen hieronder). Dit omdat tijdens het zitvolleyballen veel bewegingen vanaf de heup gecontroleerd worden. Ook is rompcontrole belangrijk voor:

  • balans tijdens het zitten,
  • transfers naar en van een rolstoel en
  • functionele mobiliteit in het algemeen.

Door te kiezen voor deze focus konden we kijken of zitvolleybal eventueel nut zou hebben binnen het revalidatiecircuit. Mede hierom hebben we de volgende hypothese getest:

Zitvolleybalspelers hebben een betere rompcontrole dan niet zitvolleybalspelers?

Om rompcontrole te kunnen onderzoeken is gebruik gemaakt van een instabiele stoel, een stoel steunend op een halve bal (fig 1). Op deze stoel is stilzitten niet mogelijk en hoe beter iemand stil kan zitten op deze stoel, hoe beter zijn rompcontrole is. De hoeveelheid beweging werd gemeten met een versnellingsmeter op de rug, dit apparaatje sloeg elke gemaakte beweging op en uit deze gegevens werden verschillende variabelen berekend. Zodoende kon er een vergelijking gemaakt worden tussen verschillende proefpersonen.
Aangezien rompcontrole geen een dimensionaal concept is moesten proefpersonen verschillende taken uitvoeren. Deze taken waren: zo stil mogelijk zitten, zo ver mogelijk de armen opzij en naar voren strekken, een gewicht verplaatsen en een gewicht opvangen (zie video). De taken werden uitgevoerd door zitvolleyballers van de nationale teams en een controlegroep. Daarnaast werden er nog taken uitgevoerd die specifiek op zitvolleybal gericht waren, maar omdat hier verder niets uitkwam zullen deze hier niet besproken worden.

Instabiele_stoel

Figuur 1 Instabiele stoel

Voor de precieze resultaten verwijs ik door naar het officiële artikel  (Download beschikbare documenten en dan onderzoek rompstabiliteit), hier volsta ik met het geven van de conclusies. In de makkelijkste taak, het stil zitten werd geen verschil gevonden tussen de zitvolleyballers en controle. In de overige taken scoorden de zitvolleyballers beter dan de controle groep. Dit lijkt er op te duiden dat zitvolleybal een positief effect op rompcontrole, desalniettemin moeten er niet te hoge verwachtingen ontstaan. Het onderzoek was uitgevoerd bij de nationale top van zitvolleybal, dit kan het resultaat vertekend hebben. Daarnaast is het goed mogelijk dat alleen mensen met een goede rompcontrole de nationale top halen. Om sterkere uitspraken te kunnen doen is het noodzakelijk dat er meer onderzoek gedaan wordt.

Onderzoeker Hans Huisman

Momenteel is Hans op zoek naar werk in de richting van gezondheidszorg en bewegingswetenschappen. Zowel de beleidsmatige als de onderzoekskant hebben zijn interesse. Meer weten? Bekijk dan zijn LinkedIn profiel.

Chaïne Staelens als zitvolleybalster naar WK Zitvolleybal Elblag, Polen

Radio interview Chaine Staelens

 

 

 

 

Ex-international Chaïne Staelens maakt deel uit van de nationale zitvolleybalselectie, die in juni actief is op het WK Zitvolleybal in Polen.
Staelens, die 365 interlands speelde voor Oranje, zette in juli 2013 wegens aanhoudende knieproblemen een punt achter haar loopbaan als volleybalster.

Of de 33-jarige Staelens ook daadwerkelijk in actie komt in het Poolse Elblag is nog niet zeker. De geboren Belgische moet nog een grijze status toegewezen krijgen. In het internationale zitvolleybal worden de speelsters vooraf gekeurd en gerangschikt in drie gradaties; wit, grijs en zwart. Wit betekent dat je niet beperkt bent, bij grijs ben je minimaal beperkt en zwart is volledig beperkt. Per wedstrijd mogen er maximaal twee grijze speelsters in het team zijn; één in het veld en één op de bank.
De verwachting is dat Staelens in Polen als ‘grijs’ wordt aangemerkt, gezien haar knieproblemen door kraakbeenschade.

Chaïne Staelens draait al enige tijd volledig mee met het programma van bondscoach Pim Scherpenzeel. Op 8 mei vertrekt het team naar Moskou voor een internationaal toernooi, waar oefenwedstrijden met Rusland, Finland, Brazilië en Oekraïne op het programma staan.

Chaïne Staelens vertelt haar verhaal bij NOS radio

Het WK Zitvolleybal is van zondag 15 juni t/m zaterdag 21 juni 2014 in Elblag, Polen.

12 spelers, dat lijkt me een mooi doel!

Ze hadden nog nooit van zitvolleybal gehoord. Tot hun fysiotherapeut in de zomer van 2011 over deze sport vertelde. Kunie Verwoert en Geri van Eldik zagen los van elkaar het Nederlandse team spelen, trainden twee keer mee en waren verkocht. Geri: ‘Eindelijk een sport waarin ik mijn energie kwijt kan.’ Hun enthousiasme leidde tot een eigen team bij Olympia Ochten. Dit jaar gaan ze voor een bredere basis, met meer spelers. Wat is hun aanvalsplan?

Vertel, hoe zijn jullie begonnen?

Geri: ‘Ik sport graag, maar na zwemmen en fitness, had ik zin in een teamsport. Mijn fysiotherapeute dacht – door mijn fanatisme – aan zitvolleybal. En ze kreeg gelijk, na een paar trainingen in Papendal was ik om.’

Olympia Ochten

Wat is er zo leuk aan zitvolleybal?

Geri: ‘Ik vind de dynamiek van de sport heerlijk. Het spel gaat ontzettend snel, je moet op elkaar inspelen, tactisch kijken, conditie hebben. Ik krijg er energie van!’

Kunie: ‘Ik vind het een mooie, nieuwe vorm van balspel en teamsport.’

Is het voor jullie prettig dat het een sport is waar jullie handicap geen rol speelt?

Kunie: ‘Dat vind ik zo’n onzin, dat vond ik altijd al! In mijn leven heb ik allerlei sporten gespeeld; korfbal, zaalvoetbal… Dat kan ook prima met prothese. Tot dat ik wat ouder werd, en mijn lijf het niet zo fijn vond. Zitvolleybal is een heerlijke sport die ik kan doen zonder mijn lijf te plagen. En toevallig doe ik deze sport zonder prothese. Dat hoeft niet, en achteruit ga ik zelfs sneller mét prothese, maar ik ben vooral flexibeler zonder.’

Geri: ‘Toevallig hebben Kunie en ik beiden een beenprothese. Maar we hebben in ons team ook spelers die door een knieblessure niet meer staand kunnen sporten. Het is frustrerend dat zitvolleybal het imago heeft dat je het alleen kunt spelen als je een handicap hebt. Het blijft daardoor veel te onbekend.’

Olympia Ochten

Jullie hebben de sport zelf ook pas laat ontdekt.

Geri: ‘Precies. Daarom zijn we zo gedreven en hebben we meteen in 2011 de eerste stappen gezet om een eigen team in de Betuwe op te richten.’

Kunie: ‘We dachten: als het ons zo aanspreekt, zijn er ongetwijfeld ook anderen die deze sport leuk vinden. Dus zijn we het avontuur aangegaan.

We hebben de sportvereniging in onze omgeving afgelopen en Olympia Ochten was laaiend enthousiast. We konden ons meteen bij hen aansluiten.’

Geri: ‘Ook de Gelderse sportfederatie was enthousiast en hielp ons bijvoorbeeld met publiciteit rond de Nederlandse Sportweek 2012, om onze eerste teamleden te werven. We schreven fysiotherapeuten aan, benaderden de pers, en organiseerden een clinic met de bondscoach en twee spelers van het Nationale team.’

Kunie: ‘De opkomst was fantastisch. De tribunes zaten vol, we speelden met drie velden tegelijk en de kranten schreven erover. Bij de eerste training hadden we meteen 12 mensen.’

Team Olympia Ochten - Kunie en Gerie vooraan!

En hoe groot is jullie team nu?

Geri: ‘Het aantal is geleidelijk teruggelopen naar 7, en nu is het tijdelijk 4. Sommigen vinden de sport toch te zwaar of kregen ook zittend last van hun blessure. Dat is jammer, ook voor onze trainer, een fantastische oud-sportleraar en volleybaltrainer. Je hebt wel wat mensen nodig om samen oefeningen te kunnen doen.’

Kunie: ‘Ik kan deze periode bijvoorbeeld tijdelijk niet trainen, omdat ik voor mijn werk avonddiensten overneem van een zieke collega. Dat heeft meteen invloed op het team.’

Geri: ‘We hebben een bredere basis nodig.’

Kunie: ‘Dus gaan we er weer nieuw leven inblazen, net als in 2012 en 2013. Zo werkt het toch: als je er aandacht aan besteedt, trekt het aan.’

Hoe werven jullie nieuwe leden?

Geri: ‘Het organiseren van clinics werkt heel goed. In 2012 hadden we een superopkomst en ook in 2013 hebben we daar spelers aan overgehouden. Voor de Nederlandse Sportweek – in april – hebben we weer plannen voor een clinic. En daarnaast: communiceren, communiceren, communiceren. Ik twitter (@gerivaneldik) en schrijf regelmatig enthousiaste berichten voor de krant, bijvoorbeeld over de recente landelijke vrouwendag in maart 2014. Ook Kunie is te vinden op Twitter: @kunzap.’

Kunie: ‘Netwerken is ook belangrijk. Flyers uitdelen bij fysiotherapeuten en regionale sportverenigingen. En als ik bijvoorbeeld een volleyballer hoor praten over een knieblessure, nodig ik hem of haar uit om eens bij ons te komen trainen. Anders leren ze de sport nooit kennen. En wat ik nu ter plekke bedenk: het revalidatiecentrum moeten we ook eens informeren.’

Team Olympia Ochten

Hoe ‘verkopen’ jullie zitvolleybal aan anderen?

Geri: ‘Ik vertel altijd over de dynamiek van de sport. Het geeft mij ontzettend veel energie.’

Kunie: ‘En de gezelligheid van teamsport…’

Geri: ‘Het is bovendien te overzien. Wij trainen 1x in de week, hebben 1x in de maand een wedstrijd in de buurt en 4 toernooien per jaar. Voor mij is dat meer dan genoeg. Ik heb twee banen, een eigen huis, twee kinderen en een druk sociaal leven. Op deze manier is het een perfecte aanvulling.’

Kunie: ‘Wat ik ook merk is dat het gezien wordt als een vernieuwende sport. Dat wordt opgepikt door de pers.’

Geri: ‘Vorig jaar wonnen we hiermee zelfs de sportpromotieprijs van Neder-Betuwe. Een topzeiler en een wielrenner wonnen de individuele prijzen, wij waren de meest inspirerende ploeg van de regio.’

Kunie: ‘Daar zouden we nog wel iets mee kunnen doen, trouwens. Het is een mooie titel, ook om daarmee bij sponsors aan te kloppen.’

Wat is het doel? Acht spelers?

Geri: ‘Nee, minimaal 12. Dat lijkt me een mooi aantal. Met zoveel spelers begonnen we ook bij onze eerste training.’

Kunie: ‘Dat klinkt goed. Twaalf gesponsorde shirts.’

Geri: ‘Daar gaan we gewoon voor. Voor ons was het een ontdekking dat deze sport bestaat. Het zou mooi zijn als we meer mensen weten te bereiken. Zitvolleybal is veel te leuk om te missen.’